Sandra Kaspers was een vrouw die je op straat voorbij liep. Niet ten eerste omdat ze klein van postuur was, omdat haar huid zo licht van kleur was dat hij bijna doorzichtig was en omdat ze haar dunne rossige haar in een slappe staart achterop haar hoofd bond, als wel vooral vanwege haar blik die ze voortdurend naar beneden richtte wanneer ze zich niet in de beschermde omgeving van haar eigen klas of huis bevond. Het was haar zowel aangeboren als zelf aangeleerde neiging om zichzelf onzichtbaar te maken, een aandrang die in haar hele zijn verweven zat. Sandra Kaspers was de vrouw tegen wie je met je schouder aan botste wanneer je haast had, ze was de vergeten nummer tien van een tiental, de laatste naam waar je steeds maar niet op kwam. Maar ook was ze de vrouw die geen blijk zou geven van enig verwijt in zulke situaties, ze was de vrouw die zonder je aan te kijken mompelde: ‘Niet erg, hoor.’ Dat deed ze niet alleen vanwege haar behoefte om ongemakkelijke situaties zoveel mogelijk uit te weg te gaan, maar ook omdat Sandra Kaspers iemand was die een ander nooit moedwillig een vervelend gevoel zou geven, iemand die er binnen haar macht alles aan deed om te voorkomen dat ze een ander zou kwetsen. Het was één van de twee toewijdingen in haar leven die ze nooit zou verloochenen.
            De andere toewijding die Sandra Kaspers nooit de rug toe zou keren was die aan de Engelse Literatuur. De imaginaire wereld van zowel Brontë als Austen had haar gered door haar in haar puberjaren een veilige plek te geven om heen te vluchten. En nu ze 28 jaar was had die noodzakelijke devotie er eveneens voor gezorgd dat Sandra Kaspers haar eerste baan gekregen had.
            Ook in haar eerste week als lerares Engels waren het de figuren uit de literatuur die haar de mogelijkheid gaven een andere vrouw te zijn, om mevrouw Kaspers te zijn, die zich de ene dag onverstoorbaar waande als Mark Darcy en de andere dag direct en zelfverzekerd als Jane Eyre. En wellicht zou er een moment komen dat de altijd zachte, altijd meevoelende mevrouw Kaspers, zich wraakzuchtig zou voelen, als de personages uit Wuthering Heights.

Aan het einde van haar eerste werkweek liep mevrouw Kaspers met haar bruinleren schoudertas vol gemaakte toetsen onder haar arm naar huis. Eenmaal thuis legde ze de proefwerken in een keurige stapel op tafel met daarbovenop haar nieuw gekochte rode pen. Ze zette een flinke pot Earl Grey, ging rechtop aan tafel zitten, bond haar haren vast in een nieuwe staart en stopte de te korte plukjes achter haar oren. Voordat mevrouw Kaspers daadwerkelijk aan de eerste toets van haar leven begon, klikte ze een paar keer met haar duim op de achterkant van de rode pen en haalde ze eenmaal diep adem.
            ‘Anna van Driel’ stond er in sierlijke letters bovenaan het papier. Een rustig meisje dat iedere les vooraan in haar klas zat en slimme vragen stelde, maar telkens wanneer mevrouw Kaspers haar iets had gevraagd, had ze blozend gestameld zonder echt antwoord te geven. Toen mevrouw Kaspers dit doorkreeg, had ze besloten Anna niets meer te vragen, haar te ontzien en de pijnlijk bekende vernedering te besparen. Mevrouw Kaspers zette haar pen op het papier en noteerde dikke krullen bij de goede antwoorden, de foute antwoorden markeerde ze onwennig met een flinterdunne, bijna onzichtbare streep. Twijfelgevallen keurde ze goed, cijfers achter de komma rondde ze ruim naar boven af. En zo ging mevrouw Kaspers door de eerste twintig toetsen heen, terwijl ze twee mokken thee dronk, geen enkele keer onderuit zakte op haar stoel en haar witte wangen zowaar een licht rode kleur kregen.
            Het laatste proefwerk was van Robbie de Jong. Robbie. Robbie. Ze pijnigde haar hersenen, ging alle rijen van voor naar achteren af in de klas en ja, ze wist het weer, daar achteraan op de middelste stoel zat Robbie. De jongen met de donkere ogen die haar elke les zonder onderbreking strak bleef aankijken. De jongen die in tegenstelling tot zijn ongeïnteresseerde buren, rechtop zat, zijn armen voor zich op tafel, in een voortdurende staat van paraatheid om, ja om wat, om aan te vallen, zo leek het. En op dat moment realiseerde mevrouw Kaspers zich dat ze zulke donkere ogen – zwart bijna – eerder had gezien. Axel Bosman uit 3c. De zittenblijver. En opeens was mevrouw Kaspers weer Sandra, het dertienjarige meisje, te jong voor klas 3c, te slim voor klas 3c, en te kwetsbaar voor Axel Bosman en zijn duistere priemende ogen. Mevrouw Kaspers begon zwaarder te ademen, de rode lijnen die ze bij de foute antwoorden van Robbie zette werden dikker en haar zorgvuldige zoektocht naar het goede in de antwoorden van haar leerlingen begon te verslappen. Ze voelde Robbies ogen die meekeken, ze voelde de ogen van Axel Bosman. Was het niet toen, in dat derde jaar van het Lyceum, dat Sandra de noodzaak van de kunst van het onzichtbaar worden ontdekte, maar nog niet volledig onder de knie had, want lukte het Axel toen niet iedere week om Sandra te achtervolgen naar het achterste trappenhuis, waar het rook naar linoleum en achtergelaten beschimmelde boterhammen, waar verder nooit iemand anders was op die momenten, en waar de vijftienjarige Axel de dertienjarige Sandra met niets meer dan alleen zijn zwarte ogen tegen de muur drukte en waar Sandra zijn weeïge zure zweetgeur rook, zijn vlassige donkere haren op zijn bovenlip en de glimmende roze puistjes op zijn kin zag, en was het niet toen dat Axel zoals iedere week haar T-shirt ruw omhoog trok en lispelend constateerde: ‘Nog steeds geen borstjes.’ En was het niet toen dat Sandra leerde hoe ze haar blik moest neerslaan en hoe ze om te overleven beter ieder contact met anderen kon mijden, ja, en het was nu, dat mevrouw Kaspers de toets van Robbie met een drieste bezetenheid voorzag van rode kruizen, dat ze zo hard kraste dat ze door het papier heen ging en rode strepen achterliet op haar tafel, en het was nu, dat mevrouw Kaspers haar eerste onvoldoende ooit gaf.

Dit verhaal delen?
Share on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *